Enorme subsidies voor buurtkranten, geen cent voor Mokum Magazine
vrijdag 6 november 2026

Enorme subsidies voor buurtkranten, geen cent voor Mokum Magazine

november 6, 2026

Alleen al in Amsterdam-Centrum gaat er € 84.235 naar zes verschillende buurtkranten. Tegelijkertijd krijgt Mokum Magazine, een platform dat al sinds 2012 de hele stad bedient, geen enkele financiële steun. Hoewel de gemeente Amsterdam de mond vol heeft van het ondersteunen van lokale journalistiek, blijkt dat in de praktijk een papieren werkelijkheid. De subsidieregeling is zó star ingericht, dat een initiatief buiten de boot valt zodra het over de wijkgrenzen heen kijkt. Mokum Magazine bericht over de gehele stad in plaats van één afzonderlijke buurt – en dat wringt dus.

Smijten met belastinggeld

De hoogte van de subsidies aan een handvol wijkbladen roept vraagtekens op. Wat bezielt het gemeentebestuur om daar tienduizenden euro’s belastinggeld in te pompen? Waar hebben deze redacties zulke gigantische bedragen voor nodig, terwijl de druk- en distributiekosten van een buurtkrant met een veel lagere oplage dan Mokum Magazine daar in de verste verte niet aan tippen? Terwijl het college met publiek geld lijkt te smijten alsof het niets is, moeten professionele mediamakers sappelen. Een platform dat wél de hele stad bereikt, zou al tevreden zijn met een fractie van dat budget – een paar duizend euro steun per maand is al genoeg om mbo-stageplekken te redden en de journalistieke continuïteit te waarborgen. Deze scheve verhouding wekt de sterke indruk van een overheid die de grip op haar uitgaven kwijt is en subsidies uitdeelt op basis van bureaucratische traditie in plaats van maatschappelijk rendement.

Geheime stukken leggen systeemfout bloot

Oprichter en hoofdredacteur Martijn van Stuyvenberg financiert het magazine al bijna 15 jaar volledig uit eigen zak. Uit interne gemeentelijke stukken, openbaar gemaakt na een Woo-verzoek, blijkt dat ambtenaren het probleem achter gesloten deuren ruimschoots erkennen: ‘Mokum Magazine valt helaas tussen wal en schip.’ Voor stadsbrede, onafhankelijke media-initiatieven is er simpelweg geen enkel loket om een aanvraag in te dienen.

‘Hartstikke zonde en pijnlijk’, vindt Van Stuyvenberg. ‘Niet alleen buurtkranten, die vaak worden gemaakt door amateurs en vrijwilligers, verdienen steun. Juist onafhankelijke media die de hele stad informeren en verbinden, zouden op basis van hun kwaliteit beoordeeld moeten worden. Deze kwestie is groter dan ons magazine alleen. Vanwege de explosief oplopende kosten dreigt er bij ons nu een flink aantal journalistieke stageplekken te verdwijnen.’