Tussen Simone Kleinsma en haar geboortestad is er nooit een echte romance opgebloeid – daarvoor vond ze ‘m iets te druk en te vies. En toch houdt de musicalactrice zielsveel van haar Amsterdam! 

Heeft jouw geboortestad er iets mee te maken dat je later een creatief beroep koos?

‘Bij mij zat het waarschijnlijk in de genen. De liefde voor het theater kreeg ik van mijn ouders mee. Zij zaten bij het operette amateurgezelschap DOS (De Operette Speler, red.) en dat vond ik al op jonge leeftijd buitengewoon interessant. Als ze repeteerden op de zondagmorgen mocht ik mee en dan genoot ik van de kostuums, de geur van de schmink en van de jaarlijkse uitvoeringen in Krasnapolsky. Repeteren in een café aan de De Ruyterkade was vooral een sociaal gebeuren en daar werd er lustig op los gebabbeld en veel wijntjes gedronken.’

Welke herinneringen kleven er aan de Van Walbeeckstraat, de straat waarin je opgroeide?

‘Het was een vrij gewone en rustige buurt in West, waar ik ook naar school ging. Mijn  broer zat op de Hoofdwegschool en ik op de Corantijnschool. Een paar jaar geleden ben ik nog eens door de Van Walbeeckstraat gelopen en viel het me op hoe klein het is. Ik heb ook nog een kijkje genomen in ons oude huis. Waar wij met z’n vieren woonden, zit nu één student.’

Wie waren je voorbeelden en helden in je jeugd?

‘Ik ging met mijn moeder naar balletvoorstellingen van het Weense Staatsoperaballet in Carré en daarin vond ik onmiddellijk talloze helden. Ik was een jaar of tien en was meteen bevangen door de magie van het theater, de acteurs, zangers en dansers. En verder was Floris uit de televisieserie (gespeeld door Rutger Hauer, red.) mijn held.’

Wat was het grootste verschil tussen het Amsterdam van toen en dat van nu?

‘In mijn beleving was het toen een stuk rustiger. Misschien heeft dat ook met mijn leeftijd te maken, maar het is me nu iets te druk en te smerig geworden. Ik ben een beetje ontrouw aan mijn eigen stad als ik zeg dat ik het enig vind om er naartoe te gaan, maar ook blij ben als ik er weer wegrijd. Ik woon nu al jarenlang buiten Amsterdam op een rustige plek, waar ik geniet van de bomen en de vogeltjes. Dat klinkt misschien truttig, maar ik heb er nooit spijt van gehad.’

Wat heb je meegekregen van de jaren zestig en zeventig, met haar provo’s en Dolle Mina’s?

‘Ik kreeg daar slechts een staartje van mee, want ik was nog te jong om de roerige jaren zestig bewust te beleven. Toch heb ik ook wel eens rondgelopen met een tafelkleed als jasje en een spijkerbroek en mijn haar rood geverfd. Ik was een verlate Hippie.’

Met welk doel ging je naar de Kleinkunstacademie?

‘Nadat ik mijn school had afgemaakt, begon het toch weer te kriebelen dat ik iets met theater wilde doen. Musicalopleidingen bestonden niet, anders was ik daar waarschijnlijk naartoe gegaan. Op de Kleinkunstacademie voelde ik me meteen thuis. Achter de deuren zag ik leerlingen zingen, dansen en tappen en dacht ik: ‘ja, dit is het!’ Op dat moment had ik geen toekomstbeeld voor ogen. Na twee jaar ben ik met de opleiding gestopt, omdat ik na mijn allereerste theaterauditie meteen werd aangenomen. Die periode heb ik als stagejaar volbracht, daarna behaalde ik mijn diploma en de rest heb ik in de praktijk geleerd.’

Vele revues, musicals, tv-series en jaren later ben je de grote naam op het affiche. Is dat wel eens zenuwslopend voor je?

‘Zenuwslopend is niet het juiste woord. Ik ga voor kwaliteit, bereid me op alles zo goed mogelijk voor en ik oefen mijn vak met veel passie en liefde uit. Het blijft telkens maar hopen dat het publiek het leuk en goed vindt, maar zelf doe ik het altijd met heel veel plezier. Natuurlijk zit er wel eens een dag tussen waarop ik niet zoveel zin heb of ziek ben, maar op het toneel kun je nooit je gezicht laten hangen.’


Simone over Amsterdam

‘Amsterdam is en blijft een heel aparte en bijzondere stad waar mooie theaters zijn, waar je heerlijk kunt eten en wat toch altijd mijn stad blijft. Ik heb het net weliswaar druk en vies genoemd, maar reken maar dat ik er trots op ben dat ik me een geboren Amsterdammer mag noemen.’

Foto Jan Jelle de Boer