Zijn bijnaam is Dr. Love. Robert ten Brink ziet deze titel als een geuzennaam, maar de rasechte Amsterdamse presentator belandt ook regelmatig in de meest bizarre situaties. ‘Het voltallige personeel van de Blokker vluchtte de kelder in toen ik er amper een voet over de drempel had gezet…’

Dit jaar vierde All You Need Is Love haar 25ste seizoen. Hoe vaak heb jij in de afgelopen jaren gedacht: ‘wat ben ik blij dat ik thuis een harmonieus gezin heb?’

‘Oh, dat denk ik iedere dag als ik ’s avonds moegestreden de sleutel in het slot steek. Toch is het wel zo dat ik het uiterste uit mezelf haal als ik met All You Need bezig ben, maar thuis alles van me afschud. Ik ben niet zo’n workaholic die hele nachten wakker ligt van het piekeren hoe het allemaal verder moet.’


Wat is het allerergste dat je ooit is overkomen bij een opname van All You Need Is Love?

‘Van tevoren zoeken we uit hoe alles in elkaar zit, dus inhoudelijk kan er nooit iets misgaan. Het ergste zou zijn als de techniek ons in de steek laat. Een moment van een hereniging kun je niet overdoen. Ooit stonden we bijvoorbeeld op de Noordkaap, vlak voor een ontmoeting tussen twee mensen. Bleek op een gegeven moment dat alle kabels waren bevroren. En ik stond ook een keer op het dak van de Arc de Triomphe, waar we een enorme plensbui over ons heen kregen. Drie kwartier lang moest de doorweekte camera worden droog geföhnd, terwijl we ondertussen allerlei mensen verstopt moesten houden.’       

Je reist regelmatig naar het buitenland af om liefdes en families te herenigen, waar het er vaak zeer emotioneel aan toegaat. Geloof jij in een LAT-relatie tussen mensen die in een ander land wonen?

‘Liefde op afstand is behoorlijk lastig. Toch krijgen we ook best vaak post van relaties die stand hebben gehouden, maar aan de andere kant lijkt het me ook logisch dat er veel doodbloedt. Wat mij persoonlijk het raarst lijkt van iemand uit het buitenland kennen, is dat je elkaar nooit echt goed zal verstaan.’

Je hebt al heel wat mensen herenigd op even zoveel plekken op deze aardbol. Ben jij van nature eigenlijk een reiziger?

‘Ik vind het heel leuk om erop uit te gaan, al heb ik in het afgelopen jaar wel extréém veel gereisd. Ik betrapte mezelf er laatst op dat ik door een reisgids met mooie bestemmingen bladerde en telkens dacht: ‘oh ja, daar ben ik ook geweest’. Hondensleeën in Lapland? Heb ik gedaan. Buenos Aires? Daar was ik laatst. (lachend:) Ik lijk wat dat betreft wel een handelsreiziger, maar dan in liefde…’

All You Need is love, zo luidt de titel, terwijl in de helft van de Amsterdamse inwoners tussen de 25 en 40 de liefde nog niet eens in eigen stad kan vinden en dus nog vrijgezel is. Wat vind jij van dat gegeven?

‘Dat lijkt misschien veel, maar er wonen natuurlijk veel studenten in Amsterdam en het is daarnaast een kosmopolitische stad waar mensen die wat vrijgevochtener zijn naartoe trekken. Dat is natuurlijk een heel ander verhaal dan de boerenzoon op het platteland die al een hele gezinsplanning heeft gemaakt. Daarnaast is het single bestaan een nieuwe manier van leven geworden. Je merkt het al in de supermarkt, waar je in elk schap de producten voor eenpersoons huishoudens ziet staan. Zelf zou ik er niet aan moeten denken om alleen te wonen, want dat lijkt me verschrikkelijk. Ik zou niets meer uitvoeren en vervallen in patronen als alleen nog maar in de kroeg zitten. Mijn strenge vrouw is er om op toe te zien dat al die dingen niet gebeuren.’

Zelfs ben je al 34 jaar samen met Roos. Kun je ook meteen even advies geven aan al die mensen die tegenwoordig steeds makkelijker het bijltje erbij neer lijken te gooien? 

‘Inderdaad, scheiden lijkt tegenwoordig wel een virus. Blijkbaar is het normaal geworden om ermee te stoppen als je het even niet meer leuk hebt samen. Elke situatie is natuurlijk anders, maar ik vind dat je er sowieso voor moet vechten. En al helemaal als er kinderen in het spel zijn…’ 

Kun je de liefde omschrijven die een mens na 34 jaar samenzijn heeft?

‘Ten eerste word je na zo’n lange tijd een soort van symbiotisch. Roos en ik hebben een rijke schat aan ervaringen samen. Inmiddels is het zelfs zo dat ik weleens dingen vertel die zij heeft meegemaakt. Verder vind ik het fantastisch dat wij elkaar blijven aanvullen, scherp houden, verbazen en nog heel veel met elkaar kunnen lachen.’

Je hebt als bijnaam ‘Dr. Love’. Is dat een eretitel of is dat ook wel eens lastig, bijvoorbeeld dat mensen denken dat er ergens om jou heen een cameraploeg is verscholen?

‘Die naam is ooit als een geintje ontstaan op de All You Need Is Love-redactie. Het is inmiddels bijna een soort geuzennaam geworden en het wordt ook steeds vaker opgepikt. Af en toe moet ik wel eens uitleggen dat ik niet écht een dokter ben. Of dat mensen zenuwachtig worden als ik bij ze in de buurt kom. ‘Ja maar ik ben toch alleen?’, vraag ik dan verbaasd. En ik heb het ook wel eens meegemaakt dat het voltallige personeel van de Blokker de kelder invluchtte toen ik er amper een voet over de drempel had gezet. Terwijl ik er alleen maar kwam om een stoffer en blik te kopen…’ 

Zou jij je een leven zonder televisie kunnen voorstellen, of voel je vanwege de populariteit een soort van druk om dit programma voor altijd te blijven doen?

‘Zolang de mensen het leuk vinden, is het ook leuk om te maken. En zolang ik er lol aan beleef, is het ook weer een goed programma om naar te kijken. Als dat allemaal wegebt, is het mooi geweest maar dat is nu nog niet aan de orde. Geen idee of ik televisie maken zou missen. Zolang ik ermee bezig ben, ga ik tot het gaatje en zodra ik de deur achter me dichttrek ben ik gewoon thuis. Wat me wel heel raar zou lijken, is om ineens niks meer te doen. Dat lijkt me echt verschrikkelijk.’

Veel BN’ers verruilen Amsterdam op een gegeven moment voor een prachtige villa in het Gooi. Heb jij dat ooit overwogen?

‘Alsjeblieft niet, zeg! Elke keer als ik over de Utrechtsebrug rijd, slaak ik een zucht van verlichting. Het leuke van in de stad blijven wonen is dat ik altijd wel iemand tegenkom die ik uit vroegere tijden ken. Dat vind ik nou juist het gezellige van deze stad. Daarnaast vind ik het heerlijk om af en toe even naar het café te scharrelen, met m’n hondje door het park te lopen of op de fiets te springen om een boodschapje te doen. Voor mij is dat een makkelijke manier van leven. In Het Gooi moet je alles met de auto doen en ik zou daar eerlijk gezegd ook bang zijn dat er dieven rond mijn huis sluipen. En dat gevoel heb ik hier echt nooit.’

Robert over Amsterdam

‘Ik ben geboren op de Overtoom. Waar nu het revalidatiecentrum staat, was toen het ziekenhuis. Wij woonden ernaast. Daarna zijn we verhuisd naar Slotervaart en daar ben ik opgegroeid. Uiteindelijk zijn we in Buitenveldert terechtgekomen. Mooie herinneringen bewaar ik ook aan mijn tijd in de Weteringbuurt, waar het altijd levendig was en iedereen in de zomer gezellig buiten zat. Dan haalde je om de beurt een dienblad met biertjes bij het café op de hoek. Dat was Amsterdam op z’n best. Het afgelopen jaar was ik in Mexico City, Buenos Aires, Sydney, Oakland en ga zo maar door. Het klinkt misschien stom, maar als ik terugkeer in Amsterdam denk ik altijd: ‘nu snap ik wat toeristen in Amsterdam zien’. Het heeft iets popperigs en dat maakt het zo gezellig. Amsterdam is één groot openluchtmuseum. Een soort Efteling, waar de bewoners als acteurtjes doorheen scharrelen.’

Foto RTL/Nick van Ormondt