‘Ik ben geboren in het Anna Paviljoen in het OLVG en daarna heeft mijn leven zich grotendeel in Oost afgespeeld. Tot mijn twaalfde heb ik met mijn ouders en drie broers in de Kazernestraat gewoond en daarna verhuisden we achtereenvolgens naar het Linnaeushof, de Linnaeusdwarsstraat en de Indische Buurt. Lange tijd was ik een bedeesde, rustige jongen, maar dat veranderde enigszins toen ik me op mijn zestiende aansloot bij AV’23, de atletiek- en hardloopvereniging.

Hoewel ik nu alweer een tijdje in Ouderkerk aan de Amstel woon, voel ik me nog steeds een echte Amsterdammer. Ik woon er vlakbij op een mooie en rustige plek die goed te bereiken is met het OV, mijn kinderen zitten er op school, ik ben er vaak te vinden en ik ben en blijf dus door Amsterdam gevormd. Ooit hadden Lebbis (Hans Sibbel) en ik de droom om in de Kleine Komedie te staan, maar we hadden niet kunnen bedenken dat we daar ook zouden optreden. Zowel samen als alleen heb ik er nog vele malen gestaan, het is het allermooiste theater van Amsterdam. Ik voel me er thuis, maar dat wil niet zeggen dat ik vooraf al met 1-0 voorsta. Qua spelen is het weliswaar een perfecte plek, maar het is ook lastig om voor Amsterdammers te staan want dat is het niet het makkelijkste publiek. En dat is maar goed ook, want het moet allemaal niet vanzelf gaan. Als artiest is het altijd de grootste uitdaging om een zaal te veroveren, maar het is zeker nog geen gelopen koers daar aan de Amstel.

Dolf Jansen

Foto Alek Bruessing