Golden Earring frontman Barry Hay (68) liet zijn levensverhaal optekenen in de vorige maand verschenen biografie Hay. Ook de stad Amsterdam speelt een prominente rol in zijn leven.

 

Je bent geboren in het Indiase Faizabad, maar verhuisde op je achtste naar Amsterdam. Welke herinneringen horen daarbij?
‘Als jongetje uit India stond ik met open mond naar alles om me heen te kijken. Het was winter in Amsterdam en ik zag voor het eerst een flatgebouw, dat er in mijn beleving uitzag als een wolkenkrabber. Mijn opa woonde op de Gerrit van der Veenstraat 69 en daar ging ik in eerste instantie met mijn moeder naartoe. Omdat mijn grootvader geen zin had om ons verblijf te sponsoren, moest mijn moeder aan het werk en werd ik naar kostschool gestuurd.’

Na jarenlang in Den Haag te hebben gewoond, keerde je de hofstad in 2001 de rug toe omdat je het daar te saai vond…
‘Ik schrok me rot van alle commotie. ‘Hay gaat weg!’, stond er op de voorpagina van de Haagsche Courant. De fucking voorpagina! Het was alsof de Prins der Nederlanden de stad verliet. ‘Doe even relaxt joh, ik ga niet naar Duitsland!’, dacht ik. Maar ze waren boos op me. Ik vond Den Haag inderdaad te saai geworden, maar dat is inmiddels weer helemaal bijgetrokken.’

Waar kwam je als eerste terecht in 020?
‘In de Nicolaas Maesstraat kocht ik een waanzinnig mooi huis, waarop ik helemaal verliefd was. Henk en Louise Schiffmacher gingen met ons mee tijdens de bezichting en riepen ook dat we gek waren als we dit huis niet zouden kopen.’

Ben je ook verliefd op deze stad?
‘Zeker weten, ik ben altijd verliefd op Amsterdam geweest. Van de oprichting van Paradiso tot uitgaan in discotheek ’t Okshoofd: mijn hoofd loopt over van allerlei uiteenlopende bruisende herinneringen.’

Wat is het verschil tussen een Amsterdammer en een Hagenees?
‘Ik denk dat er in de eerste plaats meer Hagenezen in Den Haag wonen dan Amsterdammers in Amsterdam. Mokum is een import city. Den Haag is vooral een nuchtere stad waar ze Amsterdammers zien als querulanten en hautaine, zelfingenomen paradijsvogels.’

Inmiddels woon je op Curaçao, waar je naar eigen zeggen een heerlijk gezapig leven leidt. Kan dat daar beter dan in Amsterdam?
‘In Nederland word ik geleefd en daar leef ik als een pensionado. Hier kom ik naartoe om te werken en Curaçao is mijn revalidatiecentrum. Als ik hier drie weken m’n longen uit mijn lijf heb gezongen, lig ik daar de eerste twee dagen in katzwijm. Maar ledigheid is des duivels oorkussen, dus na een week begint de werkdrift weer te kriebelen. Wat dat betreft ben ik heel tegenstrijdig: ik loop altijd van de daken te schreeuwen dat ik ontzettend lui ben en nergens zin in heb, maar ik geniet ook heel erg van hard werken. Samenvatting van bovenstaand gelul: in Nederland heb ik het gevoel dat ik belangrijk ben en in Curaçao heb ik het idee dat ik heel erg onbelangrijk ben.’

Foto Andrew Stripp Photography